Uveïtis

Bij een uveïtis anterior kunnen volgende symptomen aanwezig zijn: corneaal oedeem, corneale vascularisatie, hypopion, soms typische crème-kleurig of wit exudaat in de voorste oogkamer t.g.v. Pasteurella infectie (Bauck, 1989), waas in het voorste oogkamervocht, synechia anterior, iris vascularisatie en episclerale stuwing. De kiem kan via sepsis vanuit een andere plaats in het lichaam naar het oog verspreid zijn. Ook een penetrerend trauma doorheen de cornea, bv. door een doorn of kattekrab is mogelijk.

Etterprop in oog

Lokale abcessen in de iris kunnen ook voorkomen. Behandeling bestaat uit lokale toediening van een antibioticum, o.a. chloramfenicol (Gloveticol®, Mycofarm), of ciprofloxacine (Ciloxan®, Alcon-Couvreur) een anti-inflammatoir produkt, o.a. 0,03% flurbiprofen (Ocuflur®,Allergan) en 0,5% tropicamide (Tropicol®, Bournonville Pharma). Systemisch wordt ook een antibioticum gegeven bv. chloramfenicol 50 mg/kg/dag of enrofloxacine (Baytril®, Bayer), 20mg/kg/dag.
Volledige genezing is weinig waarschijnlijk indien de infectie te ver gevorderd is. De meeste oogbollen atrofiëren later (phthisis bulbi) of moeten verwijderd worden (zie verder: enucleatie).